​Vlechtwerk, een eeuwenoud ambacht

Vlechtwerk: een eeuwenoud ambacht

Een man vlecht met zijn blote handen een mand van wilgentenen in elkaar. De vrouw naast hem draagt een robuuste gevlochten mand om haar arm. Tot in de jaren ’50 van de vorige eeuw werden de buitendijkse oevers van rivieren vooral gebruikt als grienden. Een griend is een stuk land dat geschikt is voor het planten van wilgentakken of -tenen. Het vruchtbare land zorgde voor een levendige mandenindustrie in IJsselstein.

Serafijn de Vliegher, De mandenmaker, ca. 1840. Beeld: Anneke Radstake