​Stinken in het moeras

De witte moerasaronskelk (Lysichiton camtschatcensis) en de gele moerasaronskelk (Lysichiton americanus) zijn echte moerasplanten. De ‘witte’ komt uit Azië en de ‘gele’ uit Noord-Amerika. Daar heet de plant ‘skunk cabbage’ oftewel stinkdierkool vanwege de koolachtige bladeren en de onaangename (teer)lucht. Het opvallendst aan moerasaronskelken zijn de grote bloeiwijzen in het vroege voorjaar en de enorme bladeren die zich ontwikkelen na de bloei. De bloeiwijzen (de ene soort met een wit schutblad en de andere met een geel) verspreiden een vieze geur om de bestuivers, aasvliegen en kevers, te lokken.
De twee soorten bloeien in april in het Taxodiummoeras dat een vaak gefotografeerd stukje van de tuin is in die tijd van het jaar.
Het Taxodiummoeras met de beide moerasaronskelken is één van de Utrechtse kroonjuwelen in de tentoonstelling ‘Kroonjuwelen’ die vanaf april in de Nederlandse botanische tuinen is te zien (zie www.botanischetuinen.nl)